De dwingende stroom loslaten

Aquarius workshop

De dwingende stroom loslaten

“Je moet zien op welke gebieden je tijdelijk de beperkingen van de wil moet aanvaarden
en de dwingende stroom van een hyperactieve wil moet loslaten.
Herstel van de stromingen van de wil kan niet door de uiterlijke wil worden gedaan.
Als dat herkend wordt en de druk van de uiterlijke wil kalmeert,
kan de innerlijke wil naar buiten komen en zijn werk gaan doen.”
Citaat uit Padwerk lezing 193: Samenvatting van de basis principes van het Padwerk

Het onvolwassen neurotische deel in ons heeft de onbewuste misvatting, dat het alleen gelukkig kan zijn als alles precies zo gebeurt als het wil. Niets mag tegen onze wil ingaan. Zolang we in de dwingende stroom vastzitten, kan het ware zelf zich onmogelijk ontplooien, waardoor we geen zelfvertrouwen kunnen ontwikkelen en we ongelukkig zijn. Echte liefde, verbinding en communicatie zijn met deze dwingende houding onmogelijk. Gevangen in deze dwingende stroom geloven we in het waandenkbeeld van een vijandige wereld, die ons weigert te geven wat we nodig hebben om gelukkig te zijn. We zijn ervan overtuigd dat we onze zin alleen kunnen krijgen door onechte emoties zoals onderdanigheid, agressiviteit, afstandelijkheid of door verdoving van gevoelens. Deze vier dwingende houdingen, waarmee we ons tegen een illusoir vijandige wereld verdedigen, kunnen met elkaar in gevecht zijn en innerlijk als een vreemde substantie bestaan.

De vier houdingen vanuit de dwingende stroom zijn:
1. Onderdanigheid: In onderdanigheid klampen we ons aan een ander vast in de hoop op liefde. Als gevolg van deze emotioneel afhankelijke houding verliezen we onze vrije wil, zelfrespect, integriteit en waardigheid. We passen ons aan, bedelen, huilen en verkopen onze ziel vanuit de angst dat we zonder liefde doodgaan. We rationaliseren deze houding vanuit de illusoire overtuiging dat we onzelfzuchtig, opofferend en liefdevol zijn. In werkelijkheid is het een egoïstische ruilhandel: ‘als ik mij aan jou onderwerp, dan moet jij mijn zin doen’. Onderdanigheid is gebaseerd op angst en een vervorming van liefde.

2. Agressiviteit: Deze houding eist ‘jij moet doen wat ik wil’. We gebruiken alle macht, egoïsme en meedogenloze agressiviteit om anderen – die we als vijand beschouwen zolang zij weigeren aan onze eisen te voldoen – te verslaan. Trots maken we onszelf wijs dat we onafhankelijk zijn omdat we nooit voor de wil van iemand zullen buigen. Ook zullen we nooit toegeven dat we ons kwetsbaar en afhankelijk voelen. We leven in de illusie dat vijandigheid de enige uitweg is om onze zin te krijgen. We beseffen niet dat deze vijandige begerigheid slechts het tegendeel bereikt. Deze houding lokt juist vijandigheid uit en creëert een vicieuze cirkel, waarbij we de macht over onszelf kwijt raken. Agressiviteit is gebaseerd op eigenzinnigheid en een vervorming van echte kracht.

3. Afstandelijkheid: We isoleren ons vanuit de overtuiging dat geluk onbereikbaar is. Deze pijnlijke houding verdooft de eis om liefde, door te doen alsof we helemaal niets van de wereld en andere mensen verlangen: ‘ik heb jou niet nodig, laat me met rust’. We scheppen een onechte harmonie en lijken uiterlijk tevreden. Isolatie beschermt ons tegen pijnlijke gevoelens van mislukking en teleurstelling, maar die pijn is niet zo schadelijk als deze diepe wanhoop die ons dwingt levenservaringen te weigeren en het leven uit te zitten. Afstandelijkheid is gebaseerd op trots en een vervorming van sereniteit.

4. Verminking van ware gevoelens: De drie bovengenoemde houdingen verminken ware gevoelens, maar bij deze laatste houding stromen onze warme gevoelens nooit onbelemmerd en natuurlijk. We manipuleren kunstmatig onze gevoelens om anderen tot liefde en gehoorzaamheid te dwingen. We overdrijven en dramatiseren waarbij we onszelf bijvoorbeeld kunstmatig wrok en minachting aanpraten of we blokkeren krampachtig onze ware gevoelens. Hierdoor worden gevoelens in hun natuurlijke groei geremd en veranderen in negatieve emoties. We hebben geen idee wat we echt voelen, wat we willen en wie we nu werkelijk zijn.

In deze workshop zullen we met een liefdevolle nieuwsgierigheid aan de hand van 3 thema’s uit de Padwerk lezingen het loslaten van de dwingende stroom onderzoeken.

1e thema: Bewust worden van je subjectieve houding

Een subjectieve houding is gebaseerd op onwaarheid en wordt door vooringenomenheid en partijdigheid gekenmerkt. Als gevolg van de sterke en dwingende behoefte om beelden en illusies in stand te houden, zijn we subjectief. Subjectiviteit is egocentrisch en ontstaat uit onvolwassen mentale en emotionele dwingende stromen, omdat we in alles onze zin willen krijgen en gelijk willen hebben. Maar liefde en egocentriciteit kunnen niet naast elkaar bestaan. Met een subjectieve houding hebben we onbewust een irreëel beeld van situaties, mensen en onszelf. We zien niet de werkelijkheid, we zien niet het totaalbeeld van mensen en we ervaren situaties gekleurd.

“In ieder mens bevindt zich een innerlijke, subtiele en kronkelige stroom, waarmee je probeert anderen te dwingen om van je te houden – vooral door te proberen indruk op ze te maken en jezelf op de een of andere manier te bewijzen. Wanneer jij je eenmaal van deze emoties bewust wordt, zul je zulke gevoelens in heldere taal kunnen omzetten. Dan zul je gaan zien hoe ver hun betekenis reikt. Je gaat bijvoorbeeld zien dat je juist door het bestaan van deze dwingende stroom niet anders dan subjectief kunt zijn. Je reageert positief op mensen die het met je eens zijn, die je ‘waarderen’, bewonderen of van je houden. Je ziet bij de mensen die je bevallen het goede in een onevenredig veel helderder licht dan hun tekortkomingen. Je bent je misschien van hun gebreken bewust, maar emotioneel gesproken bagatelliseer je ze. Anderzijds wanneer iemand je kwetst of teleurstelt – of je denkt dat alleen maar – of als diegene iets anders doet wat je niet bevalt, word je wrevelig tegenover die persoon en ga je hem minachten.” (Citaat uit Padwerk lezing 70)

2e thema: Je behoefte aan illusies en dwangmatig gedrag ontdekken

In relaties lokken we de ander voortdurend uit tot afwijzing door liefde in te houden, door angstig, wrokkig en vijandig te reageren, door onszelf terug te trekken en door de ander te straf-fen. We missen kansen om onze verlangens te vervullen. Die verlangens zijn echter niet vrij van dwangmatige stromen van verzinsels en van irreële verwachtingen over hoe onze relaties en de reacties van anderen zouden moeten zijn. We wantrouwen de werkelijkheid, omdat deze niet met onze illusies overeenkomt. En het in stand houden van illusies veroorzaakt angst, spanning en verkramping.

“Het is noodzakelijk dat je begrijpt dat jouw subjectiviteit – en daarom de onwerkelijkheid – door de sterke en dringende behoefte om je illusies in stand te houden door jezelf wordt gecreëerd. Die dringende behoefte aan illusie komt voort uit de dwingende stroom van het kind in jou dat in alles zijn zin moet hebben. Het is allemaal heel subtiel, dus laat je niet door een oppervlakkige juiste reactie misleiden. Be¬enk waar jouw problemen in het leven liggen, ontdek je emoties die daarmee verband houden en probeer dan deze houding of deze stroom in je te vinden. Je zult ze vinden, want ze moet ook in jou zitten.” (Citaat uit Padwerk lezing 71)

3e thema: De dwingende stroom loslaten

Alle automatische reflexen zoals verkeerde conclusies, beelden en negatieve emoties worden door een dwingende stroom, die het product is van een fundamentele misvatting over het leven, gevoed. We wantrouwen het universum door in het waandenkbeeld te geloven dat we alleen door dwang, druk, bedrog en manipulatie iets kunnen krijgen. Het doel van zelfonderzoek is onszelf van alle gespannen, vervormde, dwangmatige lagen – die het ware zelf verbergen – bewust te worden, te bevrijden en die dwingende stroom los te laten.

“Er is maar één manier om dit ware zelf van jou, waar je in dit werk zo naarstig naar op zoek bent, te vinden. Eerst moet je die dwingende stroom ontdekken en bewust maken, die stroom die enerzijds zegt: “Ik wil” en anderzijds “ik ben zo bang dat ik niet krijg wat ik wil”. Als jij je eenmaal scherp bewust bent van die stroom in je, niet in zijn algemeenheid, maar hoe en op welke specifieke manier die zich in jou voordoet, zul je hem los kunnen laten.” (Citaat uit Padwerk lezing 77)